NIS Advocacy

Nu de NIS-studie is afgerond, is er een einde gekomen aan het research-gedeelte van het project. De activiteiten van de adviesgroep  onder leiding van professor Lissenberg is daarmee tot een eind gekomen. Thans bevindt het project zich in de zogenoemde advocacy-fase. Met advocacy wordt bedoeld: ‘het beïnvloeden van het gedrag en de houdingen van mensen teneinde veranderingen te realiseren’, aldus de Advocacy Toolkit van TI-S. Voor deze fase is TI geadviseerd door een adviesgroep bestaande uit:

-    Huub Elzerman, voorzitter Nederlandse Vereniging van Journalisten
-    Louise Gunning-Schepers , voorzitter Gezondheidsraad
-    Elsemieke Havenga , eigenaar Havenga Communicatie
-    Albert Roëll, bestuursvoorzitter Kasbank
-    Jacques Schraven, commissaris Tata Steel Ltd.
-    Dennis Wiersma, voorzitter FNV Jong

Stakeholder-workgroups

In de advocacy fase zijn inmiddels drie ‘stakeholder’ groepen gevormd uit de volgende sectoren: pensioen, bouw en zorg. In deze groepen worden de NIS resultaten besproken en worden aanbevelingen voor de betreffende sector geformuleerd teneinde te komen tot gedragsverandering en eventueel aanvullende normstelling in bijv. branchegerelateerde wetgeving.

NIS Workshop
Hoofdonderzoekster Willeke Slingerland presenteerde haar onderzoeksrapport op 4 november 2011 aan circa 30 experts, sleutelfiguren, leden van de adviesgroepen en aan de TIN-bestuursleden. Het doel van deze zogeheten NIS Workshop was onder meer om de bevindingen van de studie te bespreken en te komen tot een gemeenschappelijk begrip van de ‘nationale integriteit’ in Nederland.

De aanwezigen op de bijeenkomst reageerden in meerderheid positief op het rapport. Ze prezen de onderzoekster voor al het werk dat ze in zo’n korte tijd had verricht. Nog niet eerder is er in Nederland een studie geweest die zo uitgebreid het integriteitsysteem van Nederland in kaart brengt. Kritiek was er ook. Die betreft onder meer de methodologie van TI-S en het ontbreken van de pijler ‘Anti-Corruption Agency’ in het onderzoek. Ook vonden sommigen dat bepaalde conclusies niet genoeg waren onderbouwd, of dat ze nuance misten. Velen vonden het jammer dat de studie zich richt op nationaal niveau in plaats van lokaal. Anderen wilden weten hoe  de sleutelfiguren (mensen die voor de studie werden geïnterviewd) waren gekozen. Verder ontstond er een theoretische discussie over het begrip ‘integriteit’ en de vraag kwam op of meer regels omtrent integriteit ook automatisch zouden leiden tot meer integriteit.
Organisator Transparency International Nederland en de onderzoekster waardeerden alle feedback ten zeerste. Het gaf volgens beide partijen aan dat de studie ‘leeft’ onder de deelnemers. Bijna alle aanwezigen toonden interesse en betrokkenheid. De feedback is gebruikt om het rapport op onderdelen aan te scherpen en concrete aanbevelingen te formuleren.

Achtergrond project
Tot slot, ter ‘opfrissing’, meer achtergrondinformatie over het NIS-project. TI is eind 2010 gestart met het (E)NIS (E=European) Project, dat deels door de Europese Commissie wordt gefinancierd. TI-S coördineert het onderzoek. Het is voor het eerst dat er een dergelijk pan-Europees onderzoek wordt uitgevoerd.
Nederland doet ook mee. In opdracht van TIN wordt het zogeheten nationale integriteitssysteem (NIS) in kaart gebracht, doorgelicht en beoordeeld aan de hand van scores. Met integriteitssysteem wordt bedoeld: alle instellingen en instanties die tezamen corruptie in een land tegengaan. De belangrijkste stelsels en instituties worden in het onderzoek ‘pijlers’ genoemd. Het project gaat ervan uit dat corruptie wordt voorkomen – en dat integriteit, inzichtelijkheid en toerekenbaarheid het best worden bevorderd – door institutioneel beschermende maatregelen en hervormingen. In totaal worden in het onderzoek dertien pijlers beoordeeld: (1) het bedrijfsleven, (2) de burgermaatschappij, (3) de media, (4) politieke partijen, (5) anti-corruptie organisaties, (6) toezichthoudende instanties, (7) de Ombudsman, (8) instellingen die toezien op verkiezingen, (9) instellingen belast met de handhaving van de wet, (10) de publieke sector, (11) de wetgevende, (12) uitvoerende en (13) rechterlijke macht. Omdat Nederland geen publieke Anti-Corruption Agency kent, is deze pijler weggelaten in het onderzoek.
Doelen van het NIS-project zijn: een beter inzicht krijgen in de bestaande anti-corruptie mechanismen en het effectief helpen bestrijden van corruptie – op zowel nationaal als regionaal niveau. Het onderzoek kan zo als basis dienen om (politieke) hervormingen op het gebied van corruptiebestrijding door te voeren, en om aanbevelingen te doen voor het te voeren beleid.
De hoofdonderzoeker voor het NIS-project in Nederland is mr Willeke Slingerland. Zij is docent Internationaal Recht en verbonden aan de Saxion Hogeschool in Enschede.

Voor meer informatie over het NIS: www.transparency.org en www.transparency.nl.

Vragen? Marloes van Hooijdonk, Assistant Project Coördinator NIS