JPMorgan betaalt hoge boetes in VS

Fritz StreiffCorruptie, Feature, Internationaal, Media, Nieuws, Onderzoeken, Uncategorized

Amsterdam, 22 november 2016 – Vorige week werd bekend dat de Amerikaanse zakenbank JPMorgan Chase & Co (JPMorgan) heeft ingestemd met het betalen van een totale boete van $264 miljoen voor overtredingen van de Foreign Corrupt Practices Act (FCPA) in China. Voor het eerst schikt een zakenbank met de Securities and Exchange Commission (SEC) vanwege het inhuren van personeel in ruil voor opdrachten. Dit bizarre, doch waargebeurde verhaal is een schoolvoorbeeld van de verbazingwekkende vormen die corruptie kan aannemen.

‘Princelings’ in ruil voor opdrachten

In het kader van het zogenoemde ‘Sons and Daughters Program’ heeft met name de Aziatische tak van JP Morgan tussen 2006 en 2013 actief getracht grote opdrachten binnen te halen of te houden door meer dan honderd zoons en dochters van Chinese politieke leiders of ambtenaren bij staatsondernemingen aan een baan te helpen, ondanks het feit dat deze zogeheten ‘princelings’ alles behalve gekwalificeerd waren.

Volgens de Amerikaanse assistant attorney general, Leslie Caldwell, is dit “omkoping met een andere naam”. Dit komt de zakenbank nu duur te staan. Het jarenlange Amerikaanse onderzoek naar deze praktijken heeft geleid tot hoge boetes, waaronder een betaling van $130 miljoen aan de SEC, $72 miljoen aan justitie en $61,9 miljoen aan de Federal Reserve. Op deze manier voorkomt de bank een publieke rechtszaak.

Foreign Corrupt Practices Act

De FCPA stelt de omkoping van buitenlandse (dus niet-Amerikaanse) ambtenaren met als doel het binnenhalen van opdrachten strafbaar, ook al vindt er geen betaling in geldelijke vorm plaats. In het geval van het ‘Sons and Daughters Program’ van JPMorgan gebeurde dit door het aanbieden van banen aan nazaten van invloedrijke Chinese politieke leiders en ambtenaren, in ruil voor business.

Voor wat hoort wat – JPMorgan

De beschikking van de SEC noemt een aantal voorbeelden van hoe een dergelijke constructie tot stand is gekomen. Hieruit komt naar voren hoe onverholen met dit onderwerp werd omgegaan binnen de bank: “They are close to mandating banks for their IPO [initial public offering]. We are a strong contender. Blink blink nod nod, can we find a place for his son (they have only approached us in this regard)?”

De emails laten ook zien dat het inhuren van de bewuste kinderen van ambtenaren een duidelijk doel had. Bankier A meldt aan bankier B: “I am supportive of bringing [the referral candidate] on board given what’s at stake…[…]: how do you get the best quid pro quo from the relationship upon confirmation of the offer.” In reactie hierop schrijft bankier B: “[t]he client has communicated clearly the quid pro quo on this hire and the team should start working on the [upcoming] IPO asap.”

photo-1460962784089-6d0f18df898e

Bewust en met opzet – “omkoping met een andere naam”

Dit zijn er maar twee van de vele voorbeelden van dit “systematische stelsel van omkoping” die de SEC in haar beschikking noemt. Uit het onderzoek is ook naar voren gekomen dat men zich binnen JPMorgan bewust was van het feit dat het inhuren van ‘princelings’ in ruil voor opdrachten in strijd zou kunnen zijn met de FCPA.

Vóór 2006 bestond er zelfs een intern verbod op het aannemen van werknemers met als doel het binnenhalen van opdrachten. Volgens de resultaten van het onderzoek van de SEC is men toen bij de bank van gedachten veranderd “omdat de zakelijke beloning en nieuwe deals te lucratief werden geacht”. Met andere woorden: op basis van een kosten-baten analyse werden de welbekende compliance risico’s doelbewust genegeerd.

Onderzoek ook bij andere zakenbanken

In de wereld van de zakenbanken is dit geen nieuws. Al in 2013 werd bekend dat de Amerikaanse autoriteiten onderzoek aan het doen zijn naar een groep banken die soortgelijke praktijken hebben (gehad), waaronder Goldman Sachs, Deutsche Bank, Citigroup en Morgan Stanley. De tot nu toe bekend geworden resultaten van het onderzoek tonen aan dat het idee van een sons and daughters program geen uitvinding van JPMorgan is.

Dit komt duidelijk naar voren in de volgende email van een senior bankier naar het hoofd van JPMorgan Asia Pacific: “One specific item that we may need your help is how to run a better sons and daughters program, which has an almost linear relationship with mandates in China. People believe [other investment banks] are doing a much better job.” Het is dus niet gedurfd om te voorspellen dat de megaboetes voor JPMorgan maar het begin zijn geweest.