Oostenrijk

Airbus overweegt juridische stappen tegen Oostenrijk

Linda SchutAlgemeen, Extern nieuws, Fraude, Internationaal, News, Nieuws

Amsterdam, 31 augustus 2017 – Vliegtuigbouwer Airbus overweegt juridische stappen tegen Oostenrijk wegens de mogelijke uitsluiting van een tender procedure. De Oostenrijkse Minister van Defensie wilt de vliegtuigbouwer uitsluiten van de mogelijkheid tot inschrijving op het leveren van militaire helikopters. Zijn keuze zou te maken hebben met de vermoedelijke fraude van Airbus omtrent Eurofighter Jets in 2003, zo meldt de Financial Times.

Indien Airbus wel deelneemt aan de inschrijvingsprocedure maakt het kans op een contract met Oostenrijk, met een waarde tussen de vijftig en zestig miljoen euro. De vliegtuigbouwer zelf ziet geen solide grond voor de minister om het bedrijf uit te sluiten van deelname. De fraude waaraan wordt gerefereerd is niet vastgesteld, noch is het onderwerp van een rechtszaak in Oostenrijk. Er bestaan slechts vermoedens en daaraan gerelateerde (strafrechtelijke) onderzoeken.

Een woordvoerder van het Ministerie van Defensie ziet dit anders: aan de Financial Times wordt verklaard dat het voor het Ministerie geen juiste keuze is om zakelijke relaties aan te gaan met een bedrijf waar onderzoek naar wordt gedaan wegens fraude. Bovendien bestaat er tot op heden nog geen officieel inschrijvingsproces, maar is er slechts een verzoek tot informatieverschaffing gedaan aan potentiële bieders. Ook de Airbus Group heeft een dergelijk verzoek ontvangen.

Frauduleuze verkoop aan Oostenrijk

De verkoop van Eurofighter Jets in 2003 zijn het onderliggende probleem. In 2003 bestelde Oostenrijk maar liefst achttien straaljagers bij Airbus, voor een totaalbedrag van bijna twee miljard euro. Vier jaren later werd de order heronderhandeld en verkleind. Na de onderhandelingen  in 2007, werd onderzoek ingesteld naar omkoping. Uit dit onderzoek zou zijn gebleken dat onjuiste verkoopprijzen ten grondslag lagen aan de bestelling uit 2003 en dat ambtenaren steekpenningen hebben aangenomen.

Door de omkoping zou Airbus de concurrenten Saab en Lockheed Martin ver achter zich hebben gelaten bij de “Eurofighter deal”. Het betaalde smeergeld en lobby-uitgaven zouden voorts zijn doorgerekend aan Oostenrijk, middels de aankoopprijzen van de straaljagers. Thomas Enders, de CEO van Airbus, is een van de verdachten in dit onderzoek. Ten tijde van het tekenen van het straaljagerscontract was hij het hoofd van de defensiedivisie van Airbus, toentertijd ‘European Aeronautic Defence and Space Company’. De Minister van Defensie verklaarde dat de vernieuwde deal nooit zou zijn getekend als toentertijd het bewijs uit het onderzoek reeds bekend zou zijn geweest.

Moeilijke tijden voor Airbus

Het is nog maar de vraag of de vliegtuigbouwer daadwerkelijk uitgesloten kan worden van de inschrijvingsprocedure. Volgens Enders is het voor de regering een gemakkelijke manier om punten te scoren op politiek vlak, met het oog op de aanstaande verkiezingen van 15 oktober. Desondanks komt het geschil niet op een goed moment.

Begin deze maand werd door door de Britse anti-corruptieautoriteit, de Serious Fraud Office (SFO), bekend gemaakt dat het een onderzoek start naar het concern. Ook hebben de Franse en Duitse regering eerder dit jaar bekend gemaakt geen exportkredieten te verstrekken aan Airbus, wegens onduidelijke transacties met externe intermediairs. Daarnaast heeft de divisie ook een aantal economische tegenslagen te verduren gekregen: de helikopter afdeling kent financiële tegenslagen en ook de problemen in de offshore olie- en gasmarkt oefenen invloed uit.