Huis

Huis voor Klokkenluiders officieel geopend

Lotte RooijendijkAankondigingen, Algemeen, Feature, Integriteit, Klokkenluiders, Nationaal, Nieuws, Wetgeving

Amsterdam, 6 juli 2016 – Op maandagmiddag 4 juli 2016 is het Huis officieel geopend in aanwezigheid van minister Blok en SP Tweede Kamerlid Van Raak, de initiatiefnemer van de wet Huis voor klokkenluiders. Ook het bestuur werd die dag officieel gepresenteerd, bestaande uit voorzitter Paul Loven en bestuursleden Edith Snoeij, Kitty Nooy, Gerrit de Wit  en Anne Mieke Zwaneveld. Tijdens de opening is onder meer stilgestaan bij het belang van open organisatieculturen in een steeds transparanter wordende samenleving. Met advies, onderzoek en voorlichting onder één dak poogt het Huis daar een bijdrage aan leveren. Nederland is daarmee het eerste land met een Huis voor klokkenluiders.

Op 1 juli  jl. is de wet Huis voor klokkenluiders in werking getreden. Het belangrijkste doel van de wet is de rechtsbescherming van klokkenluiders en de oprichting van het Huis voor klokkenluiders. Het Huis voor klokkenluiders is er voor mensen die een werkgerelateerde misstand hebben en die advies willen krijgen hoe zij de misstand kunnen aankaarten. Ook kan het Huis de misstand onderzoeken en aanbevelingen doen.. Het Huis geeft verder voorlichting. Het Huis voor klokkenluiders is gevestigd in een voormalig bankgebouw aan de Maliebaan 72 te Utrecht.

De opening op 4 juli jl. vond plaats in aanwezigheid van minister Blok, Wonen en Rijksdienst, initiatiefnemer van de wet SP Tweede-Kamerlid Ronald van Raak en de bestuursvoorzitter van het Huis Paul Loven, voormalig CFO van PGGM. Hij presenteerde het nieuwe bestuur van het Huis bestaande uit Edith Snoeij, voorheen commissielid Adviespunt Klokkenluiders, Kitty Nooy, landelijk portefeuillehouder integriteit en plaatsvervangend hoofdofficier bij het Openbaar Ministerie, Gerrit de Wit, bestuursvoorzitter Expertgroep Klokkenluiders en Anne Mieke Zwanenveld, de Ombudsman van Rotterdam.

Hoe werkt het Huis voor Klokkenluiders?

Het Huis voor klokkenluiders is er voor iedereen die een werkgerelateerde misstand wil melden. Dit kunnen werknemers in loondienst zijn, maar ook ex-werknemers, zzp’ers, uitzendkrachten en vrijwilligers. Het Huis adviseert, ondersteunt, en doet indien nodig en waar mogelijk onderzoek. Ook geeft het Huis voorlichting over klokkenluiden en integriteit aan werknemers en werkgevers. De dienstverlening van het Huis is vertrouwelijk, onafhankelijk en gratis en zo moeten haar diensten bijdragen aan het beëindigen van misstanden.

Een melding bij het Huis kan overigens pas gedaan worden nadat de klokkenluider eerst intern binnen zijn organisatie een melding heeft gemaakt van de misstand. Een werkgever met vijftig of meer medewerkers moet dan ook vanaf heden een interne meldingsprocedure beschikbaar hebben.

Nadat de melder de interne meldingsprocedure heeft doorlopen, kan de melder zich via de mail of telefonisch tot het Huis wenden om een afspraak te maken. De melder zal dan worden ontvangen in het Huis en in gesprek gaan met een van de medewerkers. “Eerst moet vastgesteld worden dat het echt gaat om een klokkenluiderszaak, en niet om een ruzie tussen werkgever en werknemer”, aldus Loven. Voor klokkenluiders weegt het algemeen belang zwaarder dan het eigenbelang. Voor een persoonlijk conflict met je werkgever kun je bij het Huis dus niet terecht. Als eenmaal vastgesteld is dat het echt om misstanden binnen een organisatie gaat, kan het klokkenluidershuis een onderzoek instellen.

Een melder die contact opneemt met het Huis voor klokkenluiders kan rekenen op persoonlijk advies, dat strikt vertrouwelijk blijft. Ook het dossier wordt vertrouwelijk behandeld. Een wettelijke uitzondering hierop is de situatie waarbij er mensenlevens in gevaar zijn. Het Huis voor klokkenluiders zal dan aangifte doen bij het Openbaar Ministerie. Het Huis kan onderzoek doen naar de melding én naar de manier waarop de klokkenluider is behandeld. Een meerderheid van de melders ondervindt namelijk negatieve gevolgen van het doen van een melding. De onderzoeken worden na afloop openbaar gemaakt in geanonimiseerde rapporten.

huis

Hoe is het Huis ontstaan?

In het Huis is een aantal bestaande organisaties opgegaan. Dit zijn het Adviespunt Klokkenluiders en de Onderzoeksraad Integriteit Overheid (OIO). Ook krijgt het Bureau Integriteitsbevordering Openbare Sector (BIOS) een plek binnen het Huis. Deze drie organisaties zijn per 1 juli jl. opgehouden te bestaan.

Initiatiefnemer van Raak geeft in zijn openingsspeech aan dat een groep klokkenluiders die zich verenigd hebben in de expertgroep klokkenluiders, met Gerrit de Wit als voorzitter, aan de basis staan van de wet ter bescherming van klokkenluiders en het Huis. Gedurende tien jaar is een strijd gevoerd om deze wet en het Huis tot stand te brengen. Volgens van Raak was daar binnen het Parlement relatief veel steun voor “maar buiten de kamer, in de polder, bleek dit toch niet altijd een gewenst kind. Het was een beetje een strijd tussen het parlement en de polder… Er was altijd een meerderheid in het parlement, maar er was veel tegenkracht in de polder.” De oppositie  van onder andere inspectie en toezichthouders, werkgevers en werknemers was aanvankelijk vrij groot. De druk vanuit maatschappelijke organisaties en publieke discussies hebben veel invloed gehad op de samenkomst van deze verschillende partijen. “Ik zie hier veel verschillende groepen die in het proces lang tegenover elkaar hebben gestaan, maar nu werken we allemaal samen en hebben we dit prachtige initiatief mogelijk gemaakt”, aldus van Raak.

Van Raak erkent dat tien jaar een lange periode is geweest om dit initiatief mogelijk te maken. Hij benadrukt echter ook het belang van deze periode, waar ook buiten de Kamer een discussie heeft plaatsgevonden en klokkenluiders zelf een belangrijk onderdeel van hebben gevormd. Dit heeft volgens hem gezorgd voor een positieve verandering van het imago van de klokkenluider.

“Waar tien jaar geleden klokkenluiders soms nog werden gezien als mensen die niet trouwe waren aan de organisatie, uit de school klapten of zelfs verraders zouden zijn, zie je nu dat de omgang met klokkenluiders al heel anders is, veel beter is. In dien zin zal het huis hopelijk ook een preventieve werking hebben”, aldus van Raak.

Onderdeel van de wet is dat organisaties, bedrijven en overheden een goede interne meldregeling voor klokkenluiders moeten hebben. Desalniettemin, de publieke opinie waarin de klokkenluider niet meer wordt gezien als vijand, maar als belangrijk onderdeel van het zelflerend vermogen van een organisatie, is van onmisbaar belang bij de bescherming van klokkenluiders.

De eerste voorzitter van het Huis, Paul Loven, stelt dat in het Huis voor Klokkenluiders de bestaande kennis op het gebied van advies, onderzoek en voorlichting aan elkaar zijn gekoppeld en letterlijk onder een dak zijn gebracht. Volgens hem is het Huis goed uitgerust voor de ondersteuning van klokkenluiders en voor het oplossen van misstanden. “Open organisatieculturen kunnen misstanden binnen organisaties voorkomen”, aldus Loven. Hij hoopt met dit initiatief gesloten organisatieculturen te kunnen veranderen in culturen waar veilig een misstand kan worden gemeld. Loven geeft in zijn openingsspeech aan dat hij hoopt de dynamiek van het Huis over te kunnen brengen op werkgevers in ons land.

“Zij zullen moeten in zien dat de mensen die de vinger op de zere plek leggen, vaak ook echt hun meest betrokken werknemers zijn. Zorg er dus voor dat fouten binnen de organisatie niet kunnen uitgroeien tot misstanden en zorg ervoor dat je de betrokkenheid van werknemers entameert, stimuleert en goed analyseert. Dan zorg je voor een veilige en gezonde werkomgeving”, aldus Paul Loven. 

Transparency International Nederland moedigt het Huis aan

TI-NL vindt de opening van het Huis voor Klokkenluiders met advies, onderzoek, voorlichting maar ook socio-psychische begeleiding voor klokkenluiders een goede stap in de juiste richting. Het is belangrijk dat er in de politiek, het bedrijfsleven en de maatschappij wordt nagedacht hoe klokkenluiders kunnen worden beschermd. Hoewel de nieuwe wet een vooruitgang is, is TI NL benieuwd naar de precieze uitwerking van de wet.

Zo bepaalt de wet dat het Huis strikt gescheiden afdelingen voor advies en onderzoek moet hebben. Of dit uitvoerbaar is onder één dak, moet nog blijken. Ook is TI-NL benieuwd hoe het onderzoek naar een misstand er precies uit zal komen te zien, wat de status is van een onderzoeksrapport dat wordt gepubliceerd en hoe de samenwerking met andere onderzoeksinstanties zal verlopen.

TI-NL wenst het Huis veel succes en zal verdere ontwikkelingen met grote belangstelling volgen.